Dokter, hebt u even ?

Gepubliceerd op 29 augustus 2026 om 04:36

“Rugpijn?”

Mijn huisarts kijkt me een beetje meewarig aan. “Ja Willy, dat zullen die uitzaaiingen wel zijn. Erg hè. En daar is eigenlijk niet zoveel aan te doen.”
Nou, lekker zeg. Maar ze heeft tijd. Dus: “Hoe gaat het ermee? Kan je nog een beetje slapen? Hoe hou je het allemaal vol? En met Mevr Willy, lukt dat nog een beetje?” Want ja, die krijgt tenslotte ook haar deel van de ellende mee.
“Ik hoop dat je nog een hele tijd met ons meeloopt.”
      “Nou, ik ook, dokter.”
“Hier heb je wat morfine. En als dat niet meer voldoende helpt, kom je maar terug, dan verhogen we de dosis.”

Een halfuur later sta ik weer buiten. Geestelijk behoorlijk opgelapt.

Alleen blijft die rug natuurlijk pijn doen. Dus mailde ik mijn uroloog over diezelfde rugpijn. En wat hij daarvan dacht.

Antwoord. “Kan van alles zijn. Hier is een doorverwijzing voor een MRI. Maak nadien maar een afspraak met m'n secretaresse en die neemt je wel ergens tussendoor. Daaaag."

Nou, die MRI ging dus snel. Zondagdienst. En een week later zat ik alweer in de wachtkamer bij mijn uroloog.
Pfff. Zes wachtenden voor mij. Ik had dus mijn telefoon bovengehaald en mij geestelijk voorbereid op een lange zit.
Viel tegen. Of mee, het is maar hoe je het bekijkt. Op minder dan één uur had hij ze alle zes erdoor gejaagd.

Kassa kassa, dacht ik nog. Als zelfstandige zou ik vroeger jaloers geweest zijn op zo'n productie.

Maar toch, als ik bij hem binnenkom, merk ik dat hij zijn huiswerk heeft gemaakt. Mijn dossier is gelezen en meestal weet hij beter dan ikzelf waar we de vorige keer gebleven waren. Wat met mijn geheugen tegenwoordig ook weer niet de allergrootste prestatie is, maar kom.

“Dag Mr Huyghe. Ik heb de MRI bekeken. Misschien is bestralen toch nog een optie. Hierbij een verwijzing naar de radioloog. Daaag”
De papieren liggen trouwens al klaar. De rekening ook. En geen tien minuten later sta ik weer buiten.

Eigenlijk zijn die tien minuten dus niet de tien minuten waarin hij met mij bezig is. Het zijn alleen de tien minuten waarin ik erbij zit.

Mijn huisarts is zowat het tegenovergestelde. Daar heb ik tijd. Daar mag ik een halfuur klagen als het moet. En ik moet zeggen: in klagen ben ik behoorlijk goed. Daar heb ik blijkbaar talent voor.

Ze luistert. Ze begrijpt. Ik kan mijn verhaal kwijt en kom buiten met het gevoel dat er tenminste iemand gehoord heeft wat er allemaal in dat oude karkas gebeurt. Dat is niet niks wanneer kanker al jaren als een ongevraagde kostganger met je meeloopt. En ik heb mijn broodnodige pijnstillers. 

Mijn uroloog vroeg niet hoe ik sliep. Niet hoe ik ermee omging. Niet hoe het met Mevr Willy ging. Hij wenste mij ook niet toe dat ik nog een hele tijd zou meelopen.
Maar hij bekeek mijn MRI en stuurde mij naar de radioloog. En misschien heb ik daar op dit moment wel meer aan.

Tja.

Wat maakt iemand dan tot een goede dokter?

Degene die twintig of dertig minuten naar je luistert? Die je het gevoel geeft dat je geen dossiernummer bent maar een mens? Verdorie, dat is belangrijk. Zeker wanneer je al jaren met kanker rondloopt en er af en toe behoefte aan hebt om niet alleen je PSA, je scan of wervel TH4 te zijn.
Of degene die je na tien minuten alweer buitenwerkt, maar vóór je binnenkwam je dossier al heeft gelezen, weet wat er aan de hand is en de volgende stap misschien al geregeld heeft?

Ik weet het niet.

Misschien zijn we ook een beetje verwend geraakt door te denken dat aandacht in minuten gemeten wordt. Een dokter die een halfuur tegenover je zit, heeft niet noodzakelijk een halfuur over je nagedacht. En eentje die je na tien minuten de deur uit stuurt, heeft niet noodzakelijk maar tien minuten aan je besteed.

Toch blijft het een vreemd systeem.

Zes patiënten per uur.

Zeker wanneer tussen die zes iemand zit die net slecht nieuws heeft gekregen. Iemand die bang is. Iemand die thuis nog duizend vragen had en er in dat kamertje plots geen enkele meer weet. Of gewoon iemand met kanker die graag even wil horen dat er nog een plan is.

Wij zijn tenslotte geen pakjes op een lopende band.

Al krijg ik soms wel de indruk dat er achter de deur ergens een groen lampje brandt.

Volgende.

Maar als ik moet kiezen?

Dan heb ik liever tien minuten bij een dokter die weet waarom ik daar zit dan een halfuur bij eentje die mijn dossier begint te lezen terwijl ik tegenover hem mijn hele levensverhaal nog maar eens vertel.

Hoewel...

Mijn huisarts kent mijn levensverhaal inmiddels. Mijn uroloog kent mijn kanker. Eigenlijk zou ik ze eens samen in één kamer moeten zetten.
Mijn huisarts mag dan vragen hoe het met mij gaat, of ik nog slaap en hoe Mevr Willy het allemaal volhoudt. Mijn uroloog mag ondertussen mijn scans bekijken, beslissen wie er verder aan mijn rug moet prutsen en de doorverwijzing alvast invullen.
Dan krijg ik na een halfuur een luisterend oor, een plan én eventueel wat morfine mee naar huis.

Dat lijkt mij ongeveer de ideale dokter. Alleen vrees ik dat je daar tegenwoordig geen afspraak meer voor kunt maken.

Zo'n dokter heeft waarschijnlijk al jaren een patiëntenstop.