Martin

Gepubliceerd op 31 januari 2026 om 10:38

Hé Martin

In onze gesprekken over je naderende dood hebben we het ook gehad over jouw in memoriam.
Over het feit dat zo’n tekst er eigenlijk vooral is voor wie achterblijft. Over wat jij eraan hebt, of niet, als je dood bent.
Al die mooie, lieve woorden die over je gezegd worden, terwijl jij er niets meer van weet. Die vraag stelde je jezelf ook.

Daarom had ik het onderstaande in memoriam al eerder geschreven en ergens in een van je laatste blogs gepost.
Je las het. Je knikte. Je zei dat het mooi was.
En daarmee was het, op jouw manier, goedgekeurd.

En dan ja, twee dagen geleden heb je afscheid genomen. Niet onverwacht. Je had je besluit genomen en er vrede mee gesloten. Het traject was zorgvuldig uitgezet zoals je alles in je leven deed: denkend, ordenend, begrijpend.
Pei had, als verrassing voor jou, nog een prachtige videomontage gemaakt, over jou en jullie leven, die je in je laatste uren bekeken hebt — en nog eens, en nog eens en nog eens. Een mooier afscheid kan ik me nauwelijks voorstellen.

Dus wat kan ik hier nog aan toevoegen?
Eigenlijk niets.

Behalve dit: dat je naam hier blijft rondlopen.
Dat is geen belofte.
Dat is een vaststelling.

-----------------------------

Lieve Martin,

Euthanasie. Je kondigde het al al een hele tijd aan.
Maar nu het er staat, zwart op wit, is het toch nog even slikken.

Neen, geen hoop, geloof of wensen. Zoals je het zelf zegt: die horen bij leven, niet bij sterven.

Dus ik blijf bij wat wél past: dat je je weg gekozen hebt. Zelf. Bewust. Doordacht. Zoals je alles deed.
Je maakte van het ongrijpbare iets hanteerbaars. Van chaos een plan. Van angst een gesprek. Van afscheid iets waarin anderen mee konden ademen. En daar had/heb  ik enorme bewondering voor. Voor de helderheid waarmee je keek. De moed waarmee je besliste. De eerlijkheid waarmee je ons meenam.

Je hoofd werkte in korte flitsen. Zinnetjes. Gedachtesprongen. Wijsheidstegels. Links naar filmpjes, podcasts, wetenschappelijke inzichten. Soms moest ik als kankerlijer met een chemobrein even diep ademhalen om bij te blijven. Maar dat was precies wie jij was: nooit in een rechte lijn, altijd onderweg, altijd denkend terwijl je schreef.

Ik heb je leren kennen via die woorden. Je blogs waren geen verslagen, geen dagboeken, geen roep om medelijden, maar open ramen waardoor je ons liet meekijken in wat meestal achter gesloten deuren gebeurt. De diagnose. De schrik. De gesprekken met artsen. De kaarten aan de muur. De pillendoosjes. De plannen voor Parijs, Noorwegen, Frankrijk.
Maar ook je humor, je zelfspot, je koppigheid, je verwondering over hoe het lichaam langzaam andere wetten oplegt dan het hoofd.

Je schreef niet om indruk te maken. Je schreef omdat je onderweg was, en anderen wilde meenemen, zodat niemand alleen hoefde te lopen in dat vreemde landschap van ziekte en afscheid. Je liet zien hoe angst en liefde naast elkaar kunnen bestaan, hoe kracht soms gewoon betekent dat je zegt: tot hier en niet verder.

Wat mij misschien nog het meest is bijgebleven, zijn onze gesprekken. Jouw enorme empathie. Je oprechte interesse in ons, in de andere kankerlijers. Dat je, zelfs met je eigen einde in zicht, nog ruimte bleef maken voor het verhaal van een ander. Daarvoor kan ik je niet genoeg bedanken. En ondanks alles ben je je zin voor humor nooit kwijtgeraakt. Die lichte knipoog tussen de zware zinnen door hield je menselijk, en hield ons mee overeind.

Ik zag hoe je probeerde te dragen wat eigenlijk niet te dragen valt. Voor je partner. Voor je zonen. Voor je moeder. Voor je vrienden. Alsof jij, zelfs nu, degene wilde zijn die de boel ordent, voorbereidt, gladstrijkt. Alsof je nog één keer wilde zeggen: kijk, zo kan het ook, zo kunnen we dit doen, met open ogen.

En nu sta je op dat punt waar woorden ophouden en keuzes geen theorie meer zijn, maar daad. Je hebt beslist om niet te wachten tot het leven je uit elkaar trekt, maar zelf het moment te bepalen waarop je loslaat. Niet uit wanhoop, maar uit trouw aan wie je bent. Dat vraagt geen grote woorden. Alleen respect.

Je zegt: het is goed.
Dan neem ik dat van je aan. Zonder discussie. Zonder tegengewicht.

Straks is er geen nieuw blog meer. Geen nachtelijk bericht. Geen nieuwe tegelwijsheid, geen nieuwe plannen. Maar wat je geschreven hebt blijft. Voor je partner. Je zonen. Je moeder. Je vrienden. Voor wie je nooit ontmoette, maar toch meenam in jouw reis. Je hebt sporen achtergelaten, Martin. Zichtbaar. Menselijk. Echt.

Ik zal je missen.

Willy