Slapeloos is niet Slapeloos

Gepubliceerd op 29 januari 2026 om 06:11

Talloos zijn de keren dat ik ’s nachts of 's morgens in de vroeg uurtjes, achter de pc zit, tas cappuccino ernaast. Gewoon zitten, wat denken, wat tokkelen op het toetsenbord. Het huis slaapt. Ik niet. En dat is dan gewoon zo.

Mevr. Willy iets minder.
Die wordt half gek van dat eeuwige getokkel. Zegt dat ze er schele hoofdpijn van krijgt. Dat elke aanslag in haar hoofd na-echoot. Vandaar dat ik de stille uren opzoek. Niet alleen voor mezelf, maar ook om de vrede te bewaren. Een mens wil geen ruzie om een toetsenbord midden in de nacht.

Dikwijls blijf ik ook gewoon liggen, half wakker, half slapend, en laat ik de gedachten gewoon komen en gaan. Zonder er iets mee te moeten. Dat is vreemd genoeg rustgevend.

En terwijl ik daar lig, schrijf ik soms hele blogs in mijn hoofd. Of zoek ik naar ideeën voor nieuwe stukken. Teksten voor mijn boekjes. Kleine scènes. Een zin die beter kan. Een begin dat nog ontbreekt. Soms is het rommel, soms zit er iets tussen dat blijft hangen. Dan sta ik op en tik het neer. Of ik onthoud het tot later. Dat spel in mijn hoofd, dat zoeken en puzzelen, daar geniet ik van.

Het is ook mijn manier om met de rest om te gaan. Al die zware zware dingen. Kanker. Eindigheid. Aftakeling. Slecht nieuws.Timo, Martin. Zorgen over de toekomst. Die dingen staan overdag vaak genoeg vooraan. ’s Nachts schuif ik ze naar achter. Niet weg. Maar gewoon even niet op de eerste rij. In de plaats komt het zoeken naar woorden en ideeën. Je zorgen vorm geven is belangrijker dan de zorgen zelf.
Gewoon, dat stille denken. Dat schrijven in mijn hoofd. Dat zoeken naar zinnen. En dat houdt mij recht.

Ik slaap genoeg. Acht uur. Soms meer. Alleen niet netjes aan één stuk. Het is verdeeld over de dag en de nacht. En dat werkt, blijkbaar.
Overdag moet alles kloppen. Afspraken. Regelingen. Mensen. Verwachtingen.
’s Nachts valt dat weg. Dan is er niets dat moet. En wanneer ik wakker ben, ben ik niet wakker omdat ik bang ben. Of omdat ik lijd. Ik ben gewoon wakker. Dan sta ik op. Of ik blijf liggen. Of ik ga naar de pc. Geen plan. Geen doel.

Daarom klopt het woord slapeloosheid niet.
Ik vecht niet tegen de nacht.

Ik gebruik haar gewoon.