Helen

Gepubliceerd op 5 juli 2026 om 07:00

Iemand vertelde mij, als reactie op dat laatste blog rondom Kintsugi, dat ze ooit een terracotta hart cadeau had gekregen. Geen gewoon hart, maar een volledig gesloten hart, met een opdracht erbij. Ze kreeg ook een potje goudlijm en een briefje waarop ze iets moest schrijven dat ze graag wilde helen. Een verdriet uit haar jeugd. Een oude pijn. Iets wat al veel te lang was blijven hangen. En dan moest ze het hart breken.

Dat briefje zou pas in het hart gestopt worden wanneer de scherven weer aan elkaar gelijmd werden, zodat het daar voor altijd opgesloten zou blijven.

Eigenlijk precies zoals bij kintsugi.

Ze schreef haar briefje. Wikkelde het hart in een kaasdoek. En gaf het een ferme tik.

Alleen houdt het leven zich zelden aan handleidingen.

Het hart brak niet in vier of vijf mooie stukken, zoals ge op een cursus verwacht. Het spatte uit elkaar. Grote, kleine, scherpe, afgeronde scherven. Ze heeft nog geprobeerd ze allemaal terug te vinden. Met dat potje goudlijm naast zich. Maar hoe langer ze zocht, hoe duidelijker het werd dat het nooit meer hetzelfde hart zou worden.

En toen schreef ze:

"Ik besefte dat het ook niet meer gelijmd hoefde te worden. Ik was al geheeld."

En da's een zin die in mijn hoofd bleef hangen.

Sinds ik weet dat ik uitgezaaide kanker heb, heb ik ook vaak geprobeerd om mijn leven weer een beetje aan elkaar te lijmen. Niet letterlijk natuurlijk. Maar in mijn hoofd. Ik verlangde naar die Mr. Willy van vroeger. Naar dat vanzelfsprekende gevoel dat ge volgend jaar nog wel ziet wat ge gaat doen. Naar een lichaam dat niet voortdurend herinnerd moet worden aan zijn eigen kwetsbaarheid.

Achteraf bekeken doet ge eigenlijk niks anders dan scherven zoeken. Soms vindt ge er nog wel eentje terug.

Een oude foto.
Een wandelroute die we vroeger zonder nadenken deden.
Een reisbrochure.
Een agenda waarin ge zes maanden vooruit durfde plannen.

Maar dan raapt ge dat scherfje op, draait het een paar keer tussen uw vingers en beseft dat het nergens meer past.

Het hoort nog altijd bij uw leven. Maar niet meer bij het leven dat ge vandaag leidt.

En dus kan ik niet zeggen dat ik geheeld ben. Daarvoor barst mijn kom nog te vaak.

Er komt af en toe gewoon een nieuwe scheur bij. Een scan. Een stijgende PSA. Een pijn waarvan ge denkt: "Die zat er gisteren precies nog niet." Een mens met uitgezaaide kanker heeft het nadeel dat zijn porselein niet netjes blijft liggen nadat het één keer gebroken is. Het blijft af en toe een beetje verder scheuren.

Misschien is dat ook de reden waarom dat woord helen mij altijd wat ongemakkelijk gemaakt heeft.

Want genezen doe je niet. En herstellen eigenlijk ook niet.

Maar weet je...

Misschien betekent helen helemaal niet dat de barsten verdwijnen.
Misschien betekent het ook niet dat ge ooit weer de oude wordt.

Misschien betekent helen dat ge op een bepaald moment ophoudt met iedere dag te verlangen naar de mens die ge vroeger waart.

Niet omdat ge opgeeft.
Maar omdat ge stilaan ontdekt dat er, ondanks al die barsten, nog altijd cappuccino gedronken wordt. Dat ge nog altijd kunt wandelen. Dat ge u nog altijd kunt ergeren aan onkruid tussen de klinkers, kunt lachen met een flauwe mop, een sprookje kunt schrijven over een potlood of u een halve dag kunt bezighouden met een onnozel vliegje dat zijn vleugels afbreekt.

En misschien is dát wel het enige goud dat wij ooit nodig hebben.

Niet om de barsten onzichtbaar te maken.
Ook niet om te doen alsof ze er niet zijn.

Maar gewoon om te beseffen dat ze stilaan niet meer het enige zijn waar ge nog naar kijkt.