Sinds die rugpijn ben ik een man met een missie.
Niet om pijnvrij te worden. Dat zou te gemakkelijk zijn.
Nee, mijn doel is tegenwoordig de comfortgrens. Dat is trouwens een veel mooier woord dan pijngrens. Een pijngrens klinkt alsof je ergens met een vlaggetje staat en roept: "Tot hier en niet verder!"
Comfortgrens is veel vriendelijker. Dat is het punt waarop de pijn misschien nog wel aanwezig is, maar zich tenminste gedraagt. Een beetje zoals een schoonmoeder op bezoek. Ze is er wel, maar als ze zich rustig houdt, valt er best mee te leven.
Overdag lukt dat wonderwel. Drie keer per dag een paracetamolletje en mijn rug lijkt te denken: "Vooruit, vandaag zal ik eens niet te lastig doen."
We hebben een soort wapenstilstand gesloten.
Maar 's nachts...
Blijkbaar heeft pijn ook kantooruren. Overdag is ze een brave bediende. 's Nachts deelt ze de lakens uit
De huisarts schreef daarom tramadol voor. "Dat zal u helpen slapen."
Nou, om tien uur neem ik braaf mijn pilletje. Om twee uur lig ik alweer wakker. Niet dramatisch hoor. Ik lig niet kreunend tegen het plafond te staren: "Oei... daar is ze weer."
Maar genoeg om op te moeten staan.
Nog een tramadol. En een paracetamolletje als dessert.
Ik zet een cappuccino. Ik tokkel wat op de computer.
Eigenlijk is het om half drie best gezellig in huis. Alleen had ik liever niet moeten opstaan om daarvan te genieten.
Na een uurtje of twee kruip ik opnieuw onder de dekens. Nou, t's te warm momenteel. Dus zonder dekens. En dan slaap ik weer als een roos. Even toch
Zojuist dus opnieuw naar de huisarts geweest. Die deed opnieuw zijn best.
Diclofenac 100 mg voor, eentje 's avonds. "Probeer dit eerst maar."
En als ook dat onvoldoende blijkt, dan wordt het morfine. MS Contin of zoiets
Een beladen woord. Niet omdat ik er bang voor ben. Wel omdat het aanvoelt alsof je een nieuwe bladzijde omslaat waar je eigenlijk nog niet aan toe bent. Een nieuw kantelpunt, zeg maar
Maar goed. We zien wel.
Persoonlijk denk ik nog altijd dat de pijn niet alleen bestreden moet worden, maar vooral begrepen.
Er zijn nog heel wat behandelingen die misschien iets aan de oorzaak kunnen doen. Chemotherapie. Radium. Lutetium. Misschien toch nog ergens een gerichte bestraling.
Als je de brand kunt blussen, hoef je tenslotte ook niet voortdurend de rook uit het huis te pompen.
Binnen twee weken zie ik mijn uroloog terug. Ik denk dat we daar eens rustig over gaan koffiekletsen.
Want pijnstilling voelt voor mij nog altijd als een noodoplossing. Noodzakelijk misschien, maar toch een noodoplossing.
Liever pak ik de boosdoener zelf aan.
Tot dan blijf ik dus op zoek naar die comfortgrens.
Niet naar een leven zonder pijn.
Wel naar een leven waarin de pijn tenminste haar manieren houdt.