De zebravis (Danio rerio) is een kleine tropische zoetwatervis uit Zuid-Azië en behoort tot de familie van de eigenlijke karpers. Het diertje wordt slechts enkele centimeters groot, leeft graag in groepen en is door zijn eenvoudige verzorging en bijzondere biologische eigenschappen uitgegroeid tot een van de meest gebruikte proefdieren in wetenschappelijk onderzoek.
Tot zover Wikipedia.
Want wetenschappers hebben onlangs iets interessants met die beestjes gedaan.
Ze lieten zebravissen opgroeien in verschillende omstandigheden. Bij de ene groep was hun omgeving behoorlijk voorspelbaar. Bij een andere veranderden de omstandigheden voortdurend.
Daarna onderzochten ze hoe de vissen beslissingen namen. Ze konden zelf proberen uit te zoeken wat er aan de hand was. Of kijken naar wat de andere vissen deden.
En wat bleek?
De zebravissen die langere tijd in een onvoorspelbare omgeving hadden geleefd, gingen veel vaker naar de anderen kijken.
Blijkbaar gebeurt er iets wanneer je wereld niet meer betrouwbaar is. Dan wordt de buurvis ineens interessant.
Nou, das toch een beetje zoals wij.
Want wij mensen vinden onszelf graag zelfstandige wezens.
We denken zelf na. We nemen onze eigen beslissingen. We trekken ons plan. En we laten ons vooral niets wijsmaken.
Tot iemand kanker zegt.
Dan duurt het ongeveer vijf minuten voor we op internet zitten.
Heeft iemand ervaring met...
Wie heeft deze behandeling ook gehad?
Hoe lang duurde die bijwerking bij jullie?
Was jij ook zo moe?
Wanneer begon je haar terug te groeien?
Had jij daar ook pijn?
En de klassieker: Mijn PSA is gestegen van 0,7 naar 0,9. Moet ik mij zorgen maken?
Waarop iemand anders antwoordt: Bij mij steeg hij van 3 naar 17 en ik loop hier ook nog rond.
Wetenschappelijk gezien heb je daar natuurlijk geen moer aan. Iedere kanker is anders. Iedere patiënt is anders. Iedere behandeling werkt anders.
Dat weten we. Sterker nog, we vertellen het elkaar voortdurend. Je kunt jezelf niet vergelijken met iemand anders."
En vijf minuten later vragen we: "En hoeveel was jouw PSA eigenlijk?"
Blijkbaar zijn we toch gewoon zebravissen.
En misschien is dat helemaal niet zo gek. Want kanker maakt het water behoorlijk troebel.
Tot dan toe hadden de meesten van ons een redelijk eenvoudige routekaart. Volgend jaar vakantie. Nog wat werken. Misschien met pensioen. Kleinkinderen zien opgroeien. Samen oud worden.
En plots krijg je een ziekte waarbij zelfs de dokter niet altijd precies kan vertellen wat er volgende maand gebeurt.
Er komen scans. Uitslagen. Behandelingen. Nieuwe behandelingen. Bijwerkingen. Wachttijden.
En dat prachtige medische woord: "We gaan het opvolgen."
Dat betekent meestal dat niemand het op dit moment precies weet.
Dus kijk je naar de andere vissen.
Niet omdat zij het antwoord hebben. Dat hebben ze meestal niet. Soms maken ze het zelfs erger.
Je leest één verhaal van iemand bij wie een behandeling fantastisch werkte en denkt: Zie je wel.
Daarna lees je het verhaal eronder van iemand bij wie precies dezelfde behandeling niets deed en denk je: Verdomme.
Welkom op het forum
Maar toch blijven we kijken. Misschien zoeken we namelijk helemaal geen voorspelling.
Misschien willen we gewoon weten of wat ons overkomt ook iemand anders ooit is overkomen. Of iemand diezelfde angst kent. Diezelfde vreemde bijwerking.
Diezelfde nacht waarin je om drie uur wakker ligt en ineens besluit dat het dringend noodzakelijk is om de overlevingscijfers van een behandeling uit 2017 op te zoeken.
Niet verstandig. Wel menselijk.
Misschien is dat uiteindelijk ook waarom lotgenotencontact zo belangrijk kan zijn.
Niet omdat de andere vis weet waar de veilige kant van het aquarium is. Maar omdat hij naast je zwemt en blijkbaar hetzelfde troebele water ziet.
Dat lost niets op. De uitslag verandert er niet door. De scan wordt er niet beter van.
En morgen kan het water nog altijd alle kanten op.
Maar je hoeft tenminste niet voortdurend te denken dat jij de enige vis bent die geen flauw idee heeft waar hij naartoe zwemt.
En misschien is dat soms al genoeg.
Want wanneer het water helder is, zwemmen we allemaal graag onze eigen kant op.
Pas wanneer het troebel wordt, kijken we even waar de andere vissen zijn.
Niet omdat zij de weg kennen.
Maar omdat verdwalen in gezelschap blijkbaar toch nét iets aangenamer is.