Concept: Ik was erbij

Gepubliceerd op 14 augustus 2026 om 19:56

Chemobrein.

Het wordt soms bijna grappig voorgesteld. Je loopt naar de keuken en weet niet meer wat je daar kwam doen. Je zoekt een kwartier naar je bril terwijl hij op je hoofd staat. De suikerpot belandt in de koelkast en de melk .... ja, pfff, waar staat die nu weer.
Haha. Kan gebeuren.

Maar eerlijk gezegd is dat niet het ergste aan zo'n chemobrein. Dat zijn gewoon wat ongemakken.

Het vervelende is wat je écht vergeet. Namen bijvoorbeeld. 
Je ziet iemand voor je. Je weet precies wie het is. Je kent zijn vrouw, weet waar hij woont en kunt bij wijze van spreken vertellen welke wijn hij drinkt.
Maar zijn naam?
Weg.

Gesprekken zijn nog erger.
Iemand zegt: "Maar dat heb ik je vorige week toch verteld?"
En je kijkt hem aan. Niets. Geen vaag belletje. Geen flard. Geen o ja, nu je het zegtGewoon niks.
Blijkbaar heb je een gesprek gevoerd, geantwoord, misschien zelfs een verstandige opmerking gemaakt — het kan verkeren — en vervolgens heeft iemand in je hoofd op delete gedrukt.

Maar het meest erge mis je de herinneringen. Vakanties die langzaam oplossen. Plaatsen waarvan Mevr. Willy zegt dat we er samen geweest zijn en waarvan ik denk: als jij het zegt, zal het wel. Gebeurtenissen die ik alleen nog ken omdat er foto's van bestaan.
Soms kijk ik naar zo'n foto en weet ik rationeel: daar was ik bij.
Ik sta er tenslotte op.

Maar de herinnering zelf? Mist.
En das toch iets anders dan vergeten waar je de autosleutels hebt gelegd. Want een mens bestaat voor een flink stuk uit herinneringen. En als daar gaten in komen, voelt het soms alsof iemand ongemerkt bladzijden uit je eigen levensboek scheurt.

Daarom bleef ik onlangs hangen bij een merkwaardig onderzoek naar het geheugen.
Op 30 juli 2026 publiceerde Nature Neuroscience een onderzoek waarin wetenschappers fruitvliegjes leerden een bepaalde geur te associëren met lichte elektrische schokken. Kort na die training vermeden de vliegjes die geur. Na 24 uur was dat gedrag niet meer aantoonbaar.

Logische conclusie: vergeten.

Maar blijkbaar was dat iets te eenvoudig gedacht. Wanneer de onderzoekers de vliegjes later opnieuw met de geur én elementen uit de oorspronkelijke omgeving confronteerden, kwam het vermijdingsgedrag terug. Zelfs een week na de oorspronkelijke training kon zo'n herinneringsprikkel de reactie opnieuw oproepen.

Nog merkwaardiger was wat ze in de hersenen van de vliegjes vonden. Daar bleek een zogenaamd silent memory trace aanwezig te zijn: een stil geheugenspoor dat het gedrag niet meer stuurde, maar ook niet helemaal verdwenen was. De onderzoekers konden laten zien dat de juiste herinneringsprikkels dat spoor opnieuw toegankelijk konden maken.

Dat vond ik ineens een veel prettigere gedachte.
Het betekent uiteraard niet dat mijn vergeten vakanties ergens keurig en volledig opgeslagen liggen. Fruitvliegjes zijn geen mensen en een aangeleerde reactie op een elektrische schok is nog iets anders dan drie weken Frankrijk.

Maar toch. Blijkbaar kan vergeten soms betekenen dat informatie niet verdwenen is, maar tijdelijk niet bereikbaar.
En misschien is niet alles wat ik vergeten ben ook werkelijk weg. Misschien zit het ergens nog.
Niet netjes opgeborgen in een archiefkast met een etiket Vakantie Frankrijk 1998 erop — zoveel organisatie verwacht ik zelfs van mijn gezonde hersenen niet — maar ergens. Wachtend op de juiste sleutel.

En eigenlijk herkennen we dat allemaal.
Je ruikt iets en staat plots weer in de keuken van je grootmoeder.
Drie noten van een oud liedje en ineens ken je het hele refrein.
Je rijdt door een straat waar je veertig jaar niet geweest bent en weet opeens dat achter die hoek vroeger een bakker zat.

Misschien is dat ook waarom een foto soms helemaal niets doet, terwijl één onverwachte geur ineens een complete namiddag van vijftig jaar geleden terugbrengt.

Bij de fruitvliegjes bleek die context trouwens verrassend belangrijk. Veranderden de onderzoekers bepaalde kenmerken van de omgeving, zoals de verlichting of de ondergrond van de proefkamer, dan kon de herinnering niet meer worden opgeroepen.
Alsof de herinnering er nog wel was, maar alleen de juiste sleutel op de deur paste.

Alleen wordt het verhaal daarna weer wat minder geruststellend.

Want dezelfde onderzoekers ontdekten dat herinneringen tijdens dat terughalen ook vervormd kunnen worden. Door misleidende herinneringsprikkels te gebruiken, konden ze bij de fruitvliegjes zelfs een verkeerde associatie oproepen. Hun conclusie is dat herinneren geen simpel teruglezen van opgeslagen informatie is, maar een reconstructief proces waarin oude informatie en nieuwe ervaringen met elkaar vermengd kunnen raken.

Ons geheugen blijkt dus geen harde schijf. We halen een herinnering niet gewoon op om haar daarna precies zoals ze was weer terug te zetten. We bouwen haar telkens een beetje opnieuw.

Dat verklaart misschien waarom verhalen uit onze jeugd naarmate we ouder worden steeds beter worden.
De vis wordt groter. De vakantie zonniger. Wijzelf knapper. En uiteraard hadden wij bij die ruzie volkomen gelijk.

Het geheugen heeft blijkbaar niet alleen een archiefdienst, maar ook een afdeling eindredactie.

Maar dat eerste idee is mooi. Dat vergeten niet noodzakelijk betekent dat iets verdwenen is.
Misschien zitten sommige herinneringen nog ergens in dat warrige hoofd van mij. Een geur. Een foto. Een liedje. Een straat. Iemand die één bepaalde zin zegt. En ineens is er weer iets waarvan ik niet eens meer wist dat ik het kwijt was.

Het chemobrein blijft ellende. Daar kan je geen romantisch verhaal van maken. Maar het idee dat al die verdwenen vakanties, gesprekken, mensen en gebeurtenissen misschien niet allemaal echt weg zijn, is toch een kleine troost.

En tot iemand per ongeluk weer zo'n deurtje opendoet, heb ik gelukkig de foto's nog.

Die liegen niet.

Ik was erbij.

Bron: Yang W. et al., “Creating true and false memories from forgotten information in Drosophila”, Nature Neuroscience, gepubliceerd 30 juli 2026.